Een vergoeding voor reiskosten is vrijgesteld tot een bedrag van € 0,19 per zakelijk gereden kilometer. Wordt meer vergoed dan dat bedrag, dan vormt het meerdere loon.


Een werknemer ontving een vergoeding van € 0,31 per kilometer voor de zakelijk gereden kilometers. De werkgever merkte deze vergoeding aan als belastbaar loon voor het verschil tussen € 0,31 en € 0,19 per kilometer. De werknemer meende dat dit niet terecht was omdat de kosten per kilometer ten minste € 0,31 bedroegen. Om het in zijn ogen ten onrechte als loon aangemerkte bedrag in aftrek te brengen, verwerkte hij dit met een toelichting als studiekosten in zijn aangifte. De Belastingdienst accepteerde de aftrekpost niet.


In de procedure over de niet geaccepteerde aftrekpost voerde de werknemer aan dat sprake was van discriminatie tussen werknemers met een auto van de zaak, die geen belasting hoeven te betalen over de zakelijk gereden kilometers en werknemers die met hun privéauto zakelijke kilometers rijden en over de vergoeding, die zij ontvangen voor de zakelijk gereden kilometers, wel belasting moeten betalen.
Naar het oordeel van de rechtbank en het gerechtshof is de situatie van een werknemer die een privéauto mede zakelijk gebruikt zowel feitelijk als juridisch niet gelijk aan die van een werknemer met een auto van de zaak. De wetgever mag beide situaties dus verschillend behandelen.

Bron: Hof Den Bosch | jurisprudentie | ECLINLGHSHE2017190, 15/01184 | 30-03-2017